Fishby LogoFishby

Kleine modderkruiper

Voorzichtig hanteren

Cobitis taenia

Ook bekend als: Modderkruiper, Spined Loach, Weatherfish

Heb je een foto? Identificeer vissen direct met de Fishby-app.

Open de app

Beschrijving

De Kleine modderkruiper (Cobitis taenia) is een kleine, slanke zoetwatervis die behoort tot de familie Cobitidae (modderkruipers). Deze soort staat bekend om zijn vermogen om zich in de bodem te graven en zijn aanpassingen aan zuurstofarme omstandigheden. Het is een schuwe, nachtactieve vis die voornamelijk leeft in langzaam stromende of stilstaande wateren met een zandige of modderige bodem. De soort is van ecologisch belang als indicator voor de waterkwaliteit en als voedselbron voor roofvissen en vogels.

Fysieke kenmerken

Lichaamsvorm
eel-like
Kleur
De rug is geelbruin tot grijsbruin met donkere vlekken. De flanken zijn lichter, geelachtig, met een rij van 10-20 donkere, ovale vlekken die vaak samenvloeien tot een lengtestreep. De buik is witachtig tot lichtgeel. Er is een donkere streep die van de snuit door het oog naar de kieuwdeksel loopt. De vinnen zijn lichtbruin met donkere vlekken of banden.
Schubtype
cycloid
Positie van de bek
inferior
Onderscheidende kenmerken
Slank, langwerpig lichaam, zijdelings afgeplat, vooral naar de staart toe., Drie paar baarddraden rond de mond., Een beweegbare, tweepuntige stekel (suborbitale stekel) onder elk oog, die kan worden uitgeklapt ter verdediging., Kleine, nauwelijks zichtbare schubben die diep in de huid liggen., De staartvin is afgerond of licht ingesneden.
Rugvin
Kort, met 7-8 vertakte vinstraaltjes, geplaatst halverwege het lichaam.
Staartvin
Afgerond of licht ingesneden, met 12-14 vertakte vinstraaltjes.
Borstvin
Relatief klein, met 7-8 vinstraaltjes.
Kenmerkende vinnen
De buikvinnen zijn klein en bevinden zich achter de basis van de rugvin. De aarsvin is kort, met 5-6 vertakte vinstraaltjes.

Identificatietips

Lichaamsvorm en grootte

Slank, langwerpig lichaam, tot ongeveer 12-15 cm lang (maximaal 18 cm). Zijdelings afgeplat.

Kleurpatroon

Rij van 10-20 donkere, ovale vlekken langs de flanken, vaak samenvloeiend. Donkere streep door het oog.

Baarddraden

Drie paar korte baarddraden rond de mond.

Suborbitale stekel

De aanwezigheid van een beweegbare, tweepuntige stekel onder elk oog is een cruciaal kenmerk. Deze is vaak alleen zichtbaar bij nauwkeurige inspectie of wanneer de vis zich bedreigd voelt.

Schubben

Zeer kleine, diep in de huid liggende schubben, waardoor de huid glad aanvoelt.

Habitat

Watertype
freshwater
Diepte
Voornamelijk in ondiepe zones (0.1 - 1.5 meter), maar kan dieper gaan in de winter.
Omgeving
Langzaam stromende of stilstaande wateren zoals beken, rivieren, kanalen, sloten, meren en vijvers. Voorkeur voor helder water met een zandige, modderige of fijne grindbodem en dichte onderwatervegetatie. Ze zijn tolerant voor lage zuurstofconcentraties door hun vermogen om darmademhaling toe te passen.
Geografisch verspreidingsgebied
Wijdverspreid in Europa en Azië. Van West-Europa (inclusief Nederland en België) oostwaarts tot in Siberië en Japan. Ontbreekt in Ierland, Schotland, Noorwegen en het grootste deel van het Iberisch schiereiland en Italië.

Aquariuminformatie

  • Verzorgingsniveau: intermediate
  • Temperament: peaceful
  • Dieet: omnivore
  • Minimale aquariumgrootte: 60 liter
  • Temperatuur: 10-22 °C
  • pH-waarde: 6.5-7.5
  • Hardheid: 5-15 dGH
  • Compatibiliteit: Geschikt voor gezelschapsaquaria met andere vreedzame, niet-agressieve vissen van vergelijkbare grootte. Vermijd grote, agressieve soorten die de modderkruiper als prooi kunnen zien.
  • Speciale vereisten: Vereist een zachte zand- of fijne grindbodem waarin hij zich kan ingraven. Dichte beplanting en schuilplaatsen (wortels, stenen) zijn essentieel. Goede filtratie en regelmatige waterverversingen zijn belangrijk. Kan gevoelig zijn voor hoge nitraatwaarden.

Informatie uit het wild

  • Beschermingsstatus: least concern
  • Seizoensgebondenheid: Actief gedurende het hele jaar, maar minder zichtbaar in de wintermaanden wanneer ze dieper ingegraven zijn. Voortplanting vindt plaats in het voorjaar en de vroege zomer (april-juli).
  • Marktprijs: Niet commercieel bevist voor consumptie
  • Commercieel belang: none
  • Smaak: Niet van toepassing, wordt niet gegeten
  • Textuur: Niet van toepassing, wordt niet gegeten
  • Voedingswaarde: Niet van toepassing, wordt niet gegeten

Belangrijke feiten

Darmademhalingbehavior

De Kleine modderkruiper kan zuurstof opnemen via zijn darmen, wat hem in staat stelt te overleven in wateren met zeer lage zuurstofconcentraties. Hij slikt lucht in aan het oppervlak en perst de zuurstofarme lucht via de anus weer uit.

Weergevoeligheidbehavior

Vanwege zijn darmademhaling en gevoeligheid voor luchtdrukveranderingen, wordt de Kleine modderkruiper soms 'weervis' genoemd. Voor een weersverandering kan hij onrustig worden en vaker naar het oppervlak komen om lucht te happen.

Ingegraven levenbehavior

Deze vis brengt een groot deel van zijn leven ingegraven in de zachte bodem door, vaak met alleen zijn ogen en mond zichtbaar. Dit biedt bescherming tegen roofdieren en sterke stroming.

Nachtactiefbehavior

De Kleine modderkruiper is voornamelijk nachtactief en komt 's nachts tevoorschijn om te foerageren op kleine ongewervelden en detritus.

Indicatorsoortinteresting

Door zijn specifieke habitatvereisten en gevoeligheid voor vervuiling, wordt de Kleine modderkruiper beschouwd als een indicatorsoort voor de ecologische kwaliteit van zoetwatersystemen.

Veiligheidsinformatie

Voorzichtig hanteren
  • Veiligheidsniveau: caution
  • Giftig: Nee
  • Eetbaarheid: not recommended
  • Hanteringsnotities: Bij het hanteren van de Kleine modderkruiper moet voorzichtigheid worden betracht vanwege de scherpe, beweegbare suborbitale stekels onder de ogen. Deze stekels kunnen een prik veroorzaken die pijnlijk kan zijn, hoewel niet giftig. De vis kan zich ook vastzetten in netten of vingers. Het is aan te raden om de vis met natte handen of een natte doek vast te pakken om beschadiging van de slijmhuid te voorkomen.

Vergelijkbare soorten

Grote modderkruiper

Misgurnus fossilis

De Grote modderkruiper is aanzienlijk groter (tot 30 cm), heeft een ronder lichaam, vijf paar baarddraden (in plaats van drie) en een meer uniform bruinige kleur zonder de duidelijke vlekkenrij op de flanken. Mist de suborbitale stekel.

Barbeel

Barbus barbus

Hoewel ook met baarddraden, heeft de Barbeel een robuuster, spoelvormig lichaam, grotere schubben en een andere vinconfiguratie. Mist de suborbitale stekel en de specifieke vlekkenpatronen van de Kleine modderkruiper.

Riviergrondel

Gobio gobio

De Riviergrondel heeft twee baarddraden, een meer gedrongen lichaam en een ander vlekkenpatroon. Mist de suborbitale stekel en de langwerpige lichaamsvorm.

Wetenschappelijke classificatie

Rijk
Animalia
Stam
Chordata
Klasse
Actinopterygii
Orde
Cypriniformes
Familie
Cobitidae
Geslacht
Cobitis
Soort
taenia

Ontdek Kleine modderkruiper

Identificeer vissen overal

Gratis op iOS, Android en het web. Fotoherkenning, volledige soortinformatie en meer.

Open in de app